Direct naar:

Wilsverklaringen

In een wilsverklaring kun je zaken regelen voor de situatie waarin jij zelf geen beslissingen meer kan nemen. In een wilsverklaring staan verschillende bepalingen.

Meestal gaat het om:

  • Een behandelverbod. Daarmee geef je aan wat je niet wil. Denk aan niet reanimeren, geen sondevoeding of geen antibiotica. Een dokter is in principe verplicht dit behandelverbod op te volgen.
  • Een schriftelijk euthanasieverzoek. Daarmee geef je aan dat je euthanasie wilt. En in welke omstandigheden en waarom je dan euthanasie wilt. Een dokter is niet verplicht dit verzoek op te volgen.
  • Een volmacht waarmee je aanwijst wie je vertegenwoordiger is als je wilsonbekwaam bent geworden.

Bij het opstellen van een wilsverklaring, is het volgende belangrijk:

  • Je hoeft niet te wachten met het opstellen van een wilsverklaring tot je (ernstig) ziek bent.
  • Je stelt de wilsverklaring zo veel mogelijk op in je eigen woorden.
  • Je wilsverklaring bespreek je altijd met je dokter.
  • Je past de wilsverklaring regelmatig aan bij veranderingen. En je bespreekt deze met je dokter. Hoe vaak je dit doet is afhankelijk van je situatie.

Jentje (60): ‘Ik heb mijn wensen zwart op wit vastgelegd in een levenswensverklaring. Ik wil bijvoorbeeld dat alles wordt gedaan wat nog zinvol kan zijn. Als de kanker erger wordt, sta ik niet afwijzend tegen nog een chemokuur. Maar als het niet meer helpt, hoeft dat niet meer. Als het stervensproces doorzet, wil ik ook geen andere onnodige behandelingen, zoals een reanimatie bij een hartstilstand. Wel wil dan voeding en vocht toegediend krijgen.’

Is deze pagina nuttig?
Bedankt voor je feedback!